Schenken van aandelen op naam, hoe zat dat nu weer?
Wie aandelen op naam wil schenken doet dat nog steeds via een notariële akte. Die wordt verplicht geregistreerd en geeft aanleiding tot schenkbelasting. Aan dat burgerrechtelijk uitgangspunt is al jarenlang niets gewijzigd en ook vandaag blijft dit overeind.
In het verleden werden binnen de rechtsleer en de rechtspraak alternatieve technieken gebruikt om de fiscale impact van een schenking van aandelen te beperken, zoals de onrechtstreekse schenking via inschrijving van de overdracht in het aandelenregister zonder schenkingsakte. Die technieken boden geen volledige rechtszekerheid en gingen vaak gepaard met een reëel risico op erfbelasting wanneer de schenker vroegtijdig overlijdt.
De Vlaamse decreetgever voorzag al geruime tijd in een fiscaal gunstregime voor de overdracht van aandelen van familiale vennootschappen met het oog op de continuïteit van familiebedrijven. Net dat regime kwam de voorbije jaren steeds meer onder druk te staan, zeker wanneer familiale vennootschappen ook vastgoed aanhielden.
Het gunstregime en de rol van de activiteitsvoorwaarde
Het gunstregime voor familiale vennootschappen liet toe om aandelen belastingvrij te schenken of te laten vererven aan een verlaagd vlak tarief, op voorwaarde dat aan een aantal toepassingsvoorwaarden was voldaan. Eén van die kernvoorwaarden was dat de vennootschap een reële economische activiteit moest uitoefenen.
Volgens VLABEL volstond het enkel beheren van roerende of onroerende goederen of het aanhouden van participaties in andere vennootschappen niet om als economische activiteit te kwalificeren. In zijn administratieve praktijk beschouwde VLABEL ook patrimonium-en holdingvennootschappen, die geen eigen economische activiteit uitoefenden, in beginsel als uitgesloten van het toepassingsgebied van het gunstregime.
Daarnaast gold een weerlegbaar vermoeden dat een vennootschap geen reële economische activiteit uitoefende wanneer bepaalde boekhoudkundige parameters werden overschreden in de drie jaar voorafgaand aan de schenking of het overlijden. In de praktijk aanvaardde VLABEL het tegenbewijs enkel als alle onroerende goederen van de vennootschap voor de economische activiteit werden gebruikt. De aanwezigheid van privaat vastgoed stond dat principe volgens VLABEL in de weg.
Rechtspraak als keerpunt
Die strikte benadering werd niet gevolgd door de rechtspraak. Verschillende rechtbanken en hoven oordeelden dat het tegenbewijs van een reële economische activiteit wel degelijk kan worden geleverd, ook wanneer de vennootschap naast haar activiteit privaat vastgoed aanhoudt, zolang het louter passief beheer wordt overstegen. Het enkele bezit van privaat vastgoed volstond dus niet om de toepassing van het gunstregime uit te sluiten.
Een meerderheid binnen de rechtsleer bekritiseerde die aanpak, vooral wanneer de interpretatie van VLABEL niet samenviel met die van de rechtspraak. Die rechtspraak vormde uiteindelijk een belangrijk referentiepunt voor de decreetgever. Sinds 1 januari 2026 heeft de decreetgever deze interpretatieverschillen weggewerkt door expliciet vast te leggen welk gedeelte van de aandelenwaarde buiten het gunstregime valt. Er wordt zo gekozen voor een meer objectieve en rechtszekere benadering, waarbij de toepassing van het gunstregime minder afhankelijk is van feitelijke en casuïstische discussies.
Hervorming sinds 1 januari 2026: geen alles‑of‑niets meer
Sinds 1 januari 2026 is het gunstregime voor familiale vennootschappen fundamenteel bijgestuurd. De kern van de hervorming is dat het gunstregime niet langer volledig wordt toegepast, aangezien het expliciet wordt uitgesloten voor het gedeelte van de aandelenwaarde dat wordt vertegenwoordigd door residentieel vastgoed.
Voortaan geldt dus geen alles‑of‑niets benadering meer. De aandelenwaarde van een familiale vennootschap moet worden opgesplitst. Het gedeelte dat overeenstemt met residentieel vastgoed komt niet langer in aanmerking voor de vrijstelling van schenkbelasting of het verlaagd tarief in de erfbelasting en wordt belast volgens de gewone tarieven voor roerende goederen. Het overige gedeelte, het bedrijfsgedeelte, kan wél nog genieten van het gunstregime.
Bij deze opsplitsing moet enkel rekening worden gehouden met residentieel vastgoed. Andere vermogensbestanddelen, die geen residentieel vastgoed uitmaken, zoals een beleggingsportefeuille, kunstwerken of oldtimers, moeten niet uit de aandelenwaarde worden gefilterd. Ook de waarde van een handelspand dat door de vennootschap extern wordt verhuurd, hoeft niet te worden geëlimineerd, aangezien dergelijk vastgoed niet kwalificeert als residentieel vastgoed.
De opsplitsing van de aandelenwaarde gebeurt op basis van een afzonderlijk waarderingsverslag, opgemaakt door een bedrijfsrevisor of gecertificeerd accountant.
Vastgoed als economische activiteit: een belangrijke nuance
De hervorming betekent niet dat elke vennootschap met vastgoed voortaan automatisch wordt uitgesloten van het gunstregime. Patrimoniumvennootschappen die enkel vastgoed aanhouden of passief verhuren, blijven uitgesloten, ongeacht het type vastgoed. De decreetgever heeft wel een uitzondering voorzien voor vennootschappen die vastgoed op professionele wijze exploiteren en deze activiteit het louter passief beheer overstijgt.
Zo kunnen professionele vastgoedvennootschappen, zoals projectontwikkelaars, toch in aanmerking komen voor het gunstregime, op voorwaarde dat zij aan strikte voorwaarden voldoen. De activiteit moet hoofdzakelijk bestaan uit het ontwikkelen, verhuren of verkopen van residentieel vastgoed, waarbij minstens 75% van de omzet uit die activiteiten moet voortkomen, en de vennootschap gedurende meerdere jaren vóór en na de schenking of het overlijden minstens één voltijdse werknemer tewerkstelt.
Het voorafgaand attest: grotere rol, kortere termijnen
In dit nieuwe kader wint het voorafgaand attest van VLABEL aan belang. Je kan vooraf laten bevestigen of een schenking van aandelen van een familiale vennootschap aan de voorwaarden voldoet.
Nieuw is dat men via dit attest voortaan ook zekerheid kan verkrijgen over de waardering van de aandelen en de opsplitsing ervan in een residentieel gedeelte en een bedrijfsgedeelte, op basis van het deskundigenverslag. Het attest moet vóór het verlijden van de schenkingsakte worden aangevraagd en is bindend voor VLABEL, maar slechts zolang de feitelijke en juridische situatie ongewijzigd blijft, waardoor een vlotte opvolging essentieel is. Ook in de erfbelasting wordt het mogelijk om een dergelijk attest aan te vragen, zij het zonder verplichting, en dit vóór het indienen van de aangifte van nalatenschap.
Besluit
Burgerrechtelijk is het schenken van aandelen op naam niet veranderd, de schenking blijft notarieel, geregistreerd en in principe belastbaar. Fiscaal is het kader voor familiale vennootschappen daarentegen duidelijk geëvolueerd. Met de hervorming vanaf 1 januari 2026 kiest de decreetgever expliciet voor meer objectivering en rechtszekerheid.
De toepassing van het gunstregime vraagt vandaag een grondige analyse van de samenstelling van de vennootschap en de aard van haar activiteiten. Wie die oefening tijdig maakt, kan de overdracht van een familiebedrijf nog steeds doordacht en fiscaal correct organiseren.
Heb je vragen? Neem dan zeker contact op met legal@liberoo.be.